Locatieverbod na huisvredebreuk op Bonaire
In dit artikel:
De 28-jarige Juliendru L. is door de rechtbank op Bonaire veroordeeld tot drie maanden gevangenisstraf, waarvan twee maanden voorwaardelijk, voor huisvredebreuk en het vernielen van eigendommen van zijn buurvrouw. Het incident vond plaats in de nacht van 28 augustus in Kralendijk. Volgens camerabeelden en verklaringen had L., die die avond sterk onder invloed van alcohol was, horren van meerdere ramen verwijderd, stond hij half ontbloot bij het slaapkamerraam van de vrouw (in de vijftig) en stak hij zijn hand door de tralies. De buurvrouw werd wakker en schrok zeer; L. zou aanvankelijk weggaan maar keerde meerdere keren terug. Diezelfde maand had hij al de autobanden van die buurvrouw leeg laten lopen.
De officier van justitie beschouwde het gedrag als een doelgerichte poging tot verkrachting en eiste twaalf maanden cel (waarvan elf voorwaardelijk) en 150 uur taakstraf. Het OM verwees onder meer naar zoekgeschiedenis op L.’s telefoon en eerdere meldingen van nachtelijk lastigvallen door hem richting andere vrouwen. In de rechtszaal stelde L. dat hij door de buurvrouw uitgenodigd zou zijn en meende dat zij seksuele belangstelling had; de vrouw ontkende dat stellig en zegt door het voorval getraumatiseerd te zijn en therapie te volgen.
De rechter vond echter onvoldoende bewijs voor een poging tot verkrachting en sprak L. daarvan vrij. Wel concludeerde de rechter dat er sprake was van een ernstige huisvredebreuk met een seksueel element en van opzettelijke beschadiging van eigendom. De rechtbank legde voorwaarden op: L. moet therapie volgen om zijn alcoholgebruik te beperken en hij mag tot mei volgend jaar niet meer in de oude buurt verblijven; bij overtreding gaat de voorwaardelijke celstraf in. Omdat hij al een maand in voorarrest heeft gezeten is hij inmiddels vrij. De schadevergoedingsvorderingen van de buurvrouw werden grotendeels niet-ontvankelijk verklaard. Openbaar Ministerie en verdediging hebben twee weken om in hoger beroep te gaan.
Het dossier schetst een terugkerend patroon van grensoverschrijdend gedrag onder invloed, en de zaak benadrukt de juridische grens tussen aantoonbare feiten en de vraag naar iemands intenties.