'No more hotels?' (3)
In dit artikel:
Langs de kust van Curaçao rijzen de afgelopen jaren in rap tempo hotels en resorts op, wat botst met zorgen over milieu, publieke toegankelijkheid en ruimtelijke ordening. Deze derde aflevering van een vierluik van het Antilliaans Dagblad volgt de hotelzone vanaf de Curaçao Cruise Terminal — waar dagelijks ruim tweeduizend cruisepassagiers aanmeren — via mangrovegebieden en luxeaccommodaties tot aan het omstreden Zakitó-gebied, en belicht zowel juridische conflicten als milieuonderzoek ter plekke.
Zakitó en juridisch verzet
Bij Zakitó ligt de bouw van The View Resort & Marina al maanden stil na protesten van burgerbeweging Save Zakitó. Die organisatie voert ook juridische actie: op 1 juli 2025 oordeelde de rechter dat de ontwikkelaar de vergunningsregels had overtreden door torens tot elf verdiepingen te bouwen, waar maximaal zeven tot negen verdiepingen waren toegestaan. Save Zakitó waarschuwt dat er een tweede bouwfase gepland is — een private jachthaven met privéstrand en bijgebouwen — en wacht nog op overheidsdocumenten om die plannen juridisch te kunnen doorgronden en aanvallen.
Overheid versus activisten
De minister van Verkeer, Vervoer en Ruimtelijke Planning, Charles Cooper, reageert fel op het burgerlijk verzet en benadrukt dat toerisme cruciaal is voor de economie; hij zegt dat bij het Zakitó-project wél wordt gewerkt volgens de wet en het Eilandelijk Ontwikkelingsplan (EOP). Cooper stelde in de media: “Het EOP is de bijbel die we allemaal moeten volgen.” Activisten en milieuorganisaties betwijfelen echter of dat in de praktijk gebeurt.
Eilandelijk Ontwikkelingsplan onder druk
Amigu di Tera en bestuurslid Lloyd Narain wijzen erop dat het EOP uit 1995 een concentratiebeleid voorschrijft: stedelijke functies binnen Groot-Willemstad en behoud van natuur en landbouwgrond elders. Dertig jaar later, zegt Narain, wordt dat plan systematisch ondermijnd door overheid en ontwikkelaars. Hij waarschuwt voor ‘urban sprawl’, hogere infrastructuurkosten en aantasting van kwetsbare ecosysteem- en watervanggebieden. Een veelgehoorde klacht is dat ontwikkelaars toegankelijke kuststroken met hekken en beplanting afsluiten; Narain stelt dat zo’n tachtig procent van de stranden niet vrij toegankelijk zou zijn. Grote projecten worden volgens hem vaak economisch en ecologisch niet gerechtvaardigd voor een klein eiland.
Oostpunt als testcase
Een schrijnend voorbeeld is Oostpunt, ruim tien procent van het eiland, dat oorspronkelijk als conserveringsgebied was bedoeld. Na aanpassing van het EOP en een verkoop in 2023 kwam een groot deel (ruim 1.000 hectare) in handen van het Vidanova Pensioenfonds en kreeg het de bestemming toerisme en stedelijk wonen. Narain ziet Oostpunt niet als een geïsoleerd dossier maar als precedent dat de deur opent voor verdere verstedelijking langs de zuidkust, met negatieve gevolgen voor verkeer, infrastructuurkosten, koraalriffen en visstanden.
Koraal en biodiversiteit: druk door kustontwikkeling
Carmabi, het Caribbean Research and Management of Biodiversity Foundation, monitort en beschermt al zeventig jaar het onderwaterleven rond Curaçao. Directeur Manfred van Veghel waarschuwt dat de vele kustprojecten de onderwaterecosystemen zwaar onder druk zetten. Carmabi toont op haar terrein levend koraal en werkt in een koraallab aan herstel van beschermde soorten. Een concrete maatregel die het instituut aanbeveelt is wettelijke bescherming van papegaaivissen — belangrijke ‘tuiniers’ van het rif die algen weghappen en zo nieuw koraal en zandvorming bevorderen. Verdwijnen deze vissen, dan slagen riffen minder in het onderhouden van gezond koraal, met gevolgen voor stranden en biodiversiteit.
Lokaal beeld van schade
Op kleinere schaal documenteren omwonenden en duikliefhebbers ook schade: Talitha Visser, woonachtig bij Baoase, leidt een snorkeltocht en toont zowel levend als dood koraal. Zij spreekt van opzettelijke vernieling van koraal op sommige plekken. Carmabi en lokale bewoners laten zien dat hoewel gedeeltelijk herstel mogelijk is, de cumulatieve effecten van bouw, afsluiting van kuststroken en veranderingen in sedimentatie en vispopulaties risico’s vormen voor de lange-termijngezondheid van koraalriffen en kustlijnen.
Belangen en keuzes
Het artikel schetst een klassiek dilemma: economische ontwikkeling via toerisme versus behoud van beperkte natuur- en kustgrond op een klein eiland. Ontwikkelaars en sommige overheidsfunctionarissen zien groei als broodnodige inkomstenbron; milieuorganisaties, buurtgroepen en wetenschappers hameren op handhaving van het EOP, bescherming van ecosystemen en openbare toegang tot stranden. Oplossingen die naar voren komen zijn strengere naleving van bestemmingsplannen, betere transparantie van projectdocumentatie, juridische acties door burgers en gerichte natuurmaatregelen (zoals visbescherming en koraalherstelprogramma’s).
De kwestie van Curaçaos kustontwikkeling is daarmee niet alleen een lokaal bouwgeschil, maar een bredere test van hoe het eiland met zijn beperkte ruimte, ecologische waarden en economische behoeften wil omgaan.